Personal

Automatisch donor zijn: ik vind het een goed idee

“Dus daarom vind jij het niet zo erg meer dat je zus dood is gegaan?” Mijn zoontje probeert te begrijpen wat ik hem vertel. Een gesprekje over orgaandonatie. Ik vind het lastig om mijn emoties onder woorden te brengen. Aanleiding is het door de Tweede Kamer aangenomen wetsvoorstel van D66, waardoor straks iedereen automatisch donor is.

“Ik ook?” Geduldig beantwoord ik al zijn vragen. Leg uit dat ouders daarover beslissen. “Ook als ik dat niet zou willen?” Ik verzeker hem dat wij niet tegen zijn keuze ingaan. “Maar ik wil het wel hoor mam, levens redden.”

foto-automatisch-donor

Zo simpel kan het zijn. In de grote mensenwereld ligt het anders. Op Facebook zie ik blijdschap over het wetsvoorstel, maar ook verontwaardiging. Ik lees dingen over hersendood die ik eigenlijk niet wil weten. Het brengt mij terug in de tijd.

Donor

In de familiekamer van het ziekenhuis waar de emoties hoog oplopen. Ik zie mijn vader vechten tegen zijn tranen. De hand van mijn moeder wanhopig vasthoudend. Zelf kijk ik vertwijfeld naar mijn vriend. Stelde de arts zojuist echt de vraag of wij bezwaar hebben als er bij mijn zus organen worden uitgenomen? Ik snap het niet, zij heeft toch al jaren een donorcodicil? En ze heeft zich ook geregistreerd. De arts legt uit dat de nabestaanden geïnformeerd worden en dat ze bij ernstige bezwaren daar wel rekening mee houden. Maar officieel is er geen toestemming nodig.

Ernstige bezwaren

Natuurlijk hebben wij ernstige bezwaren. Het laatste wat ik wil is dat er bij mijn mooie zus, slechts 27 jaar jong, organen worden uitgenomen. Ik wil niet dat zij daarvoor geopereerd wordt. Niet daarvoor. ‘Red gewoon haar leven’, wil ik schreeuwen. Niet dat van een ander. We kijken elkaar aan. We moeten doen wat zij zou willen.

We krijgen alle ruimte om afscheid te nemen. Voor en na de operatie. Ik ben bang om haar gehavende lichaam te zien. Toch wil ik degene zijn die de laatste keer haar haren doet. Niet nog meer vreemde handen aan haar lijf. Het valt me mee, ik zie alleen een grote witte pleister. Of is het verband? Het maakt niet uit, ze is gewoon nog mijn zus. En dit was haar wens. In haar veel te korte leven leven stond ze altijd klaar voor mensen die dat nodig hadden, met haar dood wil ze dat ook doen.

Troost

Veel later als wij proberen ons leven op te pakken horen we dat ze inderdaad levens heeft kunnen redden. Wat een troost geeft ons dat. Haar dood heeft toch nog een beetje zin gehad.

Dat probeer ik mijn kinderen te vertellen. Dat als je dood gaat, je zelf niks meer hebt aan je organen. Niet iedereen staat hier bij stil. En vult een donorcodicil in of registreert zich. Dat mensen nu worden gedwongen om hier wel over na te denken vind ik goed. Tenminste als de Eerste Kamer ook akkoord gaat met het wetsvoorstel.  Als je niks doet, ben je automatisch donor. Mijn kinderen snappen dat. Sommige grote mensen hebben er meer moeite mee.

Wat vind jij van het wetsvoorstel van D66? 

 

Previous Post Next Post

You Might Also Like

No Comments

Leave a Reply