Personal

Voor altijd mijn zus

Nog een paar jaar en dan is ze langer niet meer in mijn leven dan wel. De jaren met mijn zus waren zo belangrijk voor me, dat ik er een tijdje geleden een stuk over schreef. Dat hoort ook een plekje te krijgen op mijn blog. Zij is een onmiskenbaar onderdeel van mijn leven. Toen en nu.

Mijn zus was alles wat ik niet ben. Lang en blond, blauwe ogen. Stoer, impulsief, sociaal, sportief en lenig. Op de gymclub blonk zij uit, terwijl ik overal vanaf viel of niet op kon komen. “Dat jullie zussen zijn, zo verschillend!” Hoe vaak ik dat niet gehoord heb. We speelden soms dat ik geadopteerd was. Mijn zus verzon steeds een ander exotisch land. Kinderen die ons niet kenden trapten er altijd in.

Alles wat mijn zus deed, wilde ik ook. Zij op korfbal? Ik ook. Terwijl ik nog geen bal kon vangen. Jaloers was ik niet. Mijn zus liet mij namelijk zien wat ik wel kon. Trots vertelde ze aan iedereen die het maar wilde horen dat ik zo mooi kon schrijven. Ze leerde me de meeste coole danspassen. Toen ik een tijdje gepest werd op de basisschool, stond zij op het schoolplein. Niemand die haar zusje met een vinger aanraakte. Zij gaf me de tip om te gaan voetballen met de jongens. “Bied maar aan om keeper te zijn, dat willen jongens zelf nooit.” En zo had ik toch elke pauze wat te doen. Ze gaf mij het gevoel dat ik bijzonder was en iedereen die het tegendeel beweerde, daar rekende zij wel even mee af.

Voor altijd mijn zus foto 1

Natuurlijk hadden we wel eens ruzie. Over de kleine, onbelangrijke dingen. Wie het eerste in de badkamer mocht ‘s ochtends. De eeuwige strijd over wie er afdroogde of afwaste.

We gingen samen op vakantie en werden het niet eens over de uitstapjes. Ik hield van kunst en cultuur, zij van op het strand liggen. Dus deden we beiden. We konden ruzie maken met de zekerheid dat we het toch wel weer goedmaakten. We waren zussen en zouden dat altijd blijven.

Tot die ene woordenwisseling. Geen idee meer waarover. Ik was daarna boos dat ze me niet even belde om me een fijn weekend te wensen met mijn vriendje in Parijs. Koppig belde ik haar ook niet. We hebben het niet meer goed kunnen maken. Ze lag ineens in een ziekenhuisbed. Onbereikbaar, in coma. Huilend heb ik gezegd dat ik spijt had, gesmeekt of ze me kon laten merken of ze me hoorde. Ze bewoog. Daarna nooit meer.

Alles wat ik nu ben, is zij niet. Ze zal nooit getrouwd zijn, moeder zijn. Maar ze is wel altijd mijn zus.

Previous Post Next Post

You Might Also Like

4 Comments

  • Reply Delphine mei 28, 2016 at 7:05 am

    Oooh tranen in mijn ogen met jouw laatste zinnen. Zo erg als je opeens iemand verliest die je erg dierbaar is. Mensen zeggen wel “dat is het leven, dat is opgroeien” maar ik kan er toch nooit aan wennen 🙁 fijn om jouw herinneringen aan haar te lezen

  • Reply Mir mei 28, 2016 at 7:56 am

    Ach meisie. Wat prachtig geschreven. Woorden schieten te kort. Ze zal ontzettend trots op je zijn geweest. Een pracht mens en lieve moeder. Het schrijven wat je bent blijven doen en waar zij je zo in bewonderde.

    Wat een gemis … 😘

  • Reply Ester september 30, 2016 at 8:25 pm

    Zo liefdevol zoals jij over je zus schrijft, prachtig!

    • Reply Missforty september 30, 2016 at 8:52 pm

      Dank je. Schrijven is een uitlaatklep voor me. En over mijn zus kan ik niet anders dan met heel veel liefde schrijven. Ze was een bijzonder mens. Een echte grote zus.

    Leave a Reply